
Dit visuele overzicht, bestaande uit schetsen, experimenten en archiefmateriaal, belicht de beginjaren van de videokunst in Nederland (1973–1984), met de onderzoekende praktijk van Livinus en Jeep van de Bundt als centraal uitgangspunt.
Waar andere kunstenaars video gebruikten om te reageren op massamedia of om de commerciële aspecten van televisie te ontleden, wilde dit baanbrekende vader-zoonduo een nieuwe beeldtaal ontwikkelen waarin de visuele en auditieve eigenschappen van video centraal stonden.
In 1978, het jaar waarin MonteVideo werd opgericht, schreef Livinus:
“Hoewel ik veel sympathie had voor groepen als Radical Software, zocht – en zoek – ik naar de eigen aard van het medium en begon ik te experimenteren. Toch bleef de camera lange tijd mijn belangrijkste focus, wat leidde tot de aanschaf van een Sony- en een Philips-open-reelset. Pas toen ik begon te ‘synthetiseren’ en daadwerkelijk structureel en formeel abstracte composities kon oproepen en vorm en verandering kon genereren met elektronische (test)apparatuur en zelfgebouwde instrumenten, kwam ik echt op gang. En daar ben ik gebleven.”